DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...
DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...
DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...
DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...

Nieuws - overzicht

Vondst oud behang onder Chinees behang Bunnik

31 May 2013 door Michel Kapoen

Tijdens de restauratie van het 18e-eeuwse Chinese papieren behang in de salon van landhuis Oud Amelisweerd te Bunnik is een opmerkelijke vondst gedaan: achter het Chinese behang blijkt nog een behang bewaard gebleven. Dit op doek geschilderd behangsel toont grote trompe-l’oeillijsten tegen een groene achtergrond.

 

Er blijkt echter meer aan de hand te zijn. Onder de groene schildering bevindt zich een rijke voorstelling van een met guirlandes gedecoreerde vaas en medaillons. Het onderzoek is gedaan met röntgen- en infraroodtechnieken en werd uitgevoerd door de Stichting Restauratie Atelier Limburg (SRAL) en Ige Verslype, schilderijenrestaurator bij het Rijksmuseum in Amsterdam en onderzoeker in het VIDI-project (NWO-TU-Delft).

 

Bij het onderzoeken van het linnen behangsel dat tevoorschijn kwam na de afname van het Chinees behang zagen de restauratoren van de SRAL onder leiding van Nico van der Woude in strijklicht verfstreken die niet zichtbaar waren aan het groene verfoppervlak. Deze lijnen werden overgetrokken op plastic. Tijdens een eerste onderzoek door de SRAL kon met behulp van röntgenfotografie en opnamen met een thermische camera en infrarood reflectografie door de groene verflaag worden ‘heen gekeken’. Hiermee werd aangetoond dat zich onder de egaal groene verflaag een rijke voorstelling van met guirlandes gedecoreerde vaas en medaillons bevindt. Deze schilderingen hebben een grote mate van verfijning en detaillering en blijken volledig intact te zijn onder de latere verflaag.

 

Om deze voorstelling in zijn geheel in kaart te brengen en in een later stadium, virtueel te reconstrueren, heeft het VIDI-project: From isolation to coherence: an integrated technical, visual and historical study of 17th- and 18th century Dutch painting ensembles (TU Delft, in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) de kamer in zijn geheel met infraroodreflectografie verder onderzocht.

 

De resultaten zijn verbluffend, aldus de specialisten. Een gedetailleerde voorstelling van hoge kwaliteit met engeltjes in gedecoreerde medaillons gevat in geschilderde kaders is zichtbaar gemaakt. Door zorgvuldige analyse van deze opnamen blijken de geschilderde kaders bovendien in vorm te zijn gewijzigd. Dit wijst er op dat het op doek geschilderde behangsel maar liefst drie verschillende fasen moet hebben gehad in een korte periode van slechts zo’n 40 jaar tijd. Heel bijzonder is dat deze veranderingen die zich vanaf de bouw van het huis omstreeks 1770 kort na elkaar hebben voltrokken, gaaf bewaard zijn gebleven. Na twee eeuwen voor het blote oog verborgen te zijn geweest, zijn deze drie tijdslagen nu voor het eerst zichtbaar geworden met behulp van materiaal technisch onderzoek.

 

Het VIDI-project
Het NWO Vernieuwingsimpuls VIDI-project onder leiding van dr. Margriet van Eikema Hommes, senior onderzoeker van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, onderzoekt voor het eerst de productie- en behandelingsgeschiedenis als ook de oorspronkelijke verschijning en visuele samenhang van 17de en 18de-eeuwse geschilderde kamers binnen een (kunst)historische context. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een interdisciplinair team met kunsthistorici, een restaurator en een conserveringswetenschapper. Het project is van groot belang voor het behoud van deze schilderijenensembles, een uniek deel van ons cultureel erfgoed dat sterk is ondergewaardeerd en ernstig wordt bedreigd.

 

Bron: www.schildersvak.nl

VAST OF FLEX: HET MAAKT DE KLANT NIET VEEL UIT!

24 May 2013 door Michel Kapoen

De meerderheid van woningeigenaren en huurders maakt het niet uit of hun schildersbedrijf uitzendpersoneel in dienst heeft of vast personeel. Dat vinden woningeigenaren overigens in meerdere mate dan huurders.

 

De stelling ‘het maakt mij niet uit of mijn schildersbedrijf met vast personeel werkt of met uitzendpersoneel’ onderzocht UPC Marketing Consultancy in opdracht van SchildersVakkrant. De vraag werd uitgezet bij woningeigenaren en bij huurders. Gemiddeld bijna de helft van de woonconsumenten (49%) gaat mee met deze stelling ‘als het werk maar goed gebeurt’. Dat vindt 55% van de woningeigenaren en 42% van de huurders. Gemiddeld 7% vindt het zelfs uitstekend wanneer zowel vaste als uitzendkrachten deel uitmaken van hun schildersbedrijf.

 schildersvaktrend

Tegenstanders van de stelling zijn zwaar in de minderheid. Gemiddeld 16% heeft minder vertrouwen in hun schildersbedrijf wanneer er zowel vast personeel als uitzendpersoneel werkt. Gemiddeld slechts 8% heeft er principieel moeite mee wanneer dat zo is.  

 

Bron: www.schildersvak.nl

‘Leid internetingenieurs op’

24 May 2013 door Michel Kapoen
Er moet een speciale opleiding tot ‘internetingenieur’ komen om als maatschappij digitaal minder kwetsbaar te worden bij internetaanvallen.
 

Dat was een van de suggesties die vorige week werd gedaan bij het KIVI NIRIA-seminar ‘Nederland verbonden met een dun draadje’. Zo’n studie tot internetingenieur zou veel meer moeten inhouden dan alleen informatica en ook bestuurlijke en maatschappelijk aspecten van internetgebruik moeten omvatten.

 

De maatschappij is kwetsbaarder dan ooit voor uitval van internetdiensten en voor aanvallen via het internet op vitale voorzieningen, daar was brede overeenstemming over. Spreker Jaap van Till (emeritus hoogleraar): ‘Kwetsbaarheid is kans maal effect. Zowel de kans op een aanval als de mogelijke effecten van internetaanvallen zijn de laatste jaren toegenomen.’

 

Internet dringt immers steeds meer door in de fysieke wereld. De stemcomputer was het eerste voorbeeld waarbij juist een stap terug werd gedaan. ‘Je kunt je afvragen tot op welk niveau je door moet willen gaan’, stelde Ronald Prins, directeur van het bedrijf Fox-IT. ‘Internet komt bijvoorbeeld ook in het autoverkeer. Er zijn al plannen voor zelfrijdende auto’s. Maar hoe veilig is dat dan?’

 

Directe aanleiding voor de bijeenkomst waren de recente zogenoemde DDoS-aanvallen die onder meer het betalingsverkeer bij ING platlegden. Bij deze Distributed Denial of Service-aanvallen worden diensten, zoals internetbankieren bij een bepaalde bank, tijdelijk platgelegd door een bombardement aan verzoeken op de dienst af te vuren. Een relatief simpele simpele operatie, zo benadrukken de deskundigen.

 

Volgens Van Till is de bottle-neck bij het verhogen van de digitale veiligheid bij dit soort aanvallen niet zo zeer technisch. Het gaat nu vooral om bewustwording in de hogere bestuurlijke kringen, zowel bij de overheid als bij grote bedrijven. ‘Nederlandse politici nemen de huidige problematiek met cyberaanvallen en andere gevaren via internet niet serieus. Er is geen regie.’

 

Van Till pleit daarom onder meer voor de invoering van een vaste Kamercommissie Internet. Zo’n commissie is in het Duitse parlement recent al ingesteld. Deze commissie zou organisaties en infrastructuren voor netwerken in Nederland moeten doorlichten en zelfs personen in de top die te weinig kaas hebben gegeten van internetkwesties, moeten kunnen identificeren en uit hun functie verwijderen. ‘Die moeten dan maar gaan golfen of zo.’

 

‘In de Verenigde Staten en in het Verenigd Koninkrijk zie je de bewustwording het laatste jaar juist wel sterk groeien’, constateert een derde spreker op de KIVI NIRIA-bijeenkomst, consultant Eric Luijff van TNO. Volgens hem moeten ingenieurs ook de hand in eigen boezem steken en niet alleen naar de overheid wijzen. Luijff: ‘We willen toch heel graag toys for the boys. En het aspect veiligheid komt nog steeds vaak achteraf. We bouwen ict-diensten op het drijfzand van andere ict.’

 

Het goede nieuws is volgens Van Till dat het technisch niet heel erg ingewikkeld hoeft te zijn om de veiligheid te vergroten. ‘Het zit hem vaak in kleine, stomme it-dingetjes.’ Hij geeft als voorbeeld de Fyra-trein die bij de grens tussen Nederland en België steeds haperde. ‘Dat zat hem in een bepaald signaal dat net 200 ms te laat werd doorgegeven.’

 

Ronald Prins is minder positief. ‘We moeten niet de illusie hebben dat we veilige software kunnen maken. We moeten niet geloven in maakbaarheid. De parallel wordt vaak getrokken met de strakke regie in de luchtvaartwereld. Maar voordat het daar allemaal goed geregeld was, zijn er heel wat vliegtuigen uit de lucht gevallen’, relativeert Prins. Ook zet hij vraagtekens bij de voorgestelde opleiding tot internetingenieur. ‘Ik vraag me af of je dit aan een universiteit echt onder de knie kunt krijgen. Dat kan wellicht beter in de praktijk gebeuren.’

 

Er is waarschijnlijk een goede ramp nodig om iedereen écht wakker te schudden, vinden de drie sprekers. En dat gaat volgens hen onvermijdelijk een keer gebeuren. Prins: ‘Ik heb me vaak afgevraagd waarom terroristen zich niet vaker richten op internet om een samenleving hard te treffen. Het antwoord blijkt dat terroristen letterlijk bloed willen zien.’

 

Luijff: ‘Het zou in sommige opzichten wel eens goed zijn als er drie dagen niet kan worden gepind. Dan krijg je waarschijnlijk een opstand in de straten.’

 

Bron: www.technischweekblad.nl