DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...
DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...
DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...
DOOR VAKLIEDEN... VOOR VAKLIEDEN...

Nieuws - overzicht

Uitzonderlijk veel faillissementen in 2013

12 March 2013 door Michel Kapoen

In februari 2013 zijn 755 bedrijven en instellingen (exclusief eenmanszaken) failliet verklaard. Dit is het hoogste aantal ooit in een maand. Ook in januari waren er veel faillissementen (734). Dat meldt het CBS.

 

Het aantal in een bepaalde maand uitgesproken faillissementen hangt nauw samen met het aantal zittingsdagen van de rechtbank in die maand. Dit kan van maand tot maand sterk fluctueren. Voor een beter beeld van de ontwikkeling wordt daarom doorgaans gekeken naar de ontwikkeling van het voortschrijdend driemaandsgemiddelde van het aantal faillissementen.

 

Het voortschrijdend driemaandsgemiddelde kwam in februari uit op 680. Dat is de hoogste stand sinds de start van de reeks in 1981. Voor de piek in februari schommelde het driemaandsgemiddelde een half jaar rond de 600.


Bouwsector

Naar aanleiding van de CBS-cijfers luidt FNV Bouw nog maar weer de noodklok. “De bouwsector wordt ook nu weer het hardst getroffen. We zitten nu al op ruim 50.000 werklozen in de bouw. De komende twee jaar komen daar, als er niets gebeurt, nog eens ruim 27.000 bij”, aldus FNV Bouw vicevoorzitter Charley Ramdas. “Wij blijven pleiten voor investeringen in het energiezuinig maken van bestaande woningen. Het wordt tijd dat de 150 miljoen euro die de overheid beschikbaar stelt andere investeerders als banken en pensioenfondsen over de streep trekt om mee te investeren.”

 

“Daarnaast kun je als overheid woningcorporaties stimuleren duurzaam te gaan (ver)bouwen. Bijvoorbeeld vanuit de verhuurdersheffing-gelden.Of kantoorpanden laten ombouwen tot woningen. Daarmee investeer je zowel in de economie als in al die vakmensen die we straks met zijn allen weer zo hard nodig hebben in de bouwsector. Dat is noodzakelijk om de sector uit de malaise te halen.”

Scholing stalen steigerbouw anders

20 February 2013 door Michel Kapoen

De scholingsstructuur voor de steigerbouw gaat volledig op zijn kop. Dat maakte de verenigings van steigerbouwers, VSB, onlangs bekend. Het zou de vakbekwaamheid van steigerbouwers beter meetbaar en aantoonbaar moeten maken.

 

 

De Richtlijn Steigers wordt nog vóór de zomer van dit jaar flink geúpdate. De nieuwe inhoud gaat belangrijke gevolgen hebben voor de scholingsstructuur voor de steigerbouw. De nieuwe scholingsstructuur, die in de Richtlijn Steigers wordt geborgd, is van toepassing voor iedereen die steigers monteert. De structuur is van kracht vanaf het moment waarop de update van de Richtlijn Steigers verschijnt en uiterlijk vanaf 1 januari 2017 voor iedereen. Na die datum moet iedereen die steigers monteert beschikken over een door de overheid en branche erkend diploma op MBO-niveau, dan wel een branchecertificaat onder persoonscertificering. De bestaande kwalificaties Steigerbouwer A en Steigerbouwer B worden veranderd tot Monteur en 1e Monteur.

 

bron: www.schildersvak.nl

CAO-Voorstellen: soberder en anti-flex

20 February 2013 door Michel Kapoen

De werkgevers en vakbonden in de schilderssector hebben hun voorstellen voor de nieuw af te sluiten Collectieve Arbeids Overeenkomst (CAO) voor het schilder- en glaszetbedrijf aan elkaar bekend gemaakt. De ondernemers zetten in op versobering van arbeidsvoorwaarden, de bonden op het tegengaan van flexwerk.

 

 

Onderhoud NL, de werkgeversvereniging, zet in op vergroting van de arbeidsproductiviteit van de werknemers en wil dat onder andere bereiken door de arbeidstijden in onderling overleg per bedrijf te regelen. De vereniging wil van een groot deel van de bovenwettelijke arbeidstijden-regelingen in de CAO af. En ook de RWS en Jaarmodel- afspraken kunnen per bedrijf of per werknemer gemaakt worden. Overwerkregelingen gaan pas in bove de tien uur per werkdag en ook over werk in het weekeinde en de beloning daarvoor moet elk bedrijf zijn eigen afspraken maken.

Een andere manier om de productiviteit te verhogen ziet OnderhoudNL in het herinvoeren van de 40-urige werkweek en tegelijkertijd vermindering van het aantal ATV-dagen.

 

Versobering

In de CAO-voorstellen van OnderhoudNL verder vooral ideeën om kosten in de hand te houden. De 'open einde' regeling met Arbouw moet worden herzien, de pensioenen moeten versoberd worden zodat de pensioenbijdrages van werkgevers en werknemers kunnen worden verlaagd, dee loondoorbetalingsregeling bij onwerkbaar weer moet op de helling, het vakantiefonds moet worden afgeschaft, het scholingspotje 'IBR-regeling' kan worden afgeschaft, evenals de loopbaanfaciliteit 'Mijn Loopbaan' en het aanvullingsfonds, dat uitkeert bovenop een ww-uitkering, kan een stuk minder.

 

Percentage flexwerk

De vakbonden (FNV Bouwen CNV Vakmensen) vragen beide een loonsverhoging van 2,5 procent. Verder moeten alle kostenvergoedingen stijgen met de inflatieindex.

FNVBouw stelt daarnaast voor om deelname aan het schilderspensioen voor zzp'ers mogelijk te maken.

Daarnaast maakt FNVBouw zich vooral bezorgd over het toenemende flexwerk. Zo zou een werkgever na het ontslaan van medewerkers gedurende negen maanden geen flexwerkers mogen aannemen en zouden bedrijven nooit meer dan 20 procent van hun werknemers uit flexwerkers mogen laten bestaan (inlenen van andere bedrijven mag daarbovenop wel).

Werktijdenafspraken en tal van andere regelingen in de CAO zouden voor flexwerkers toegankelijk moeten blijven of worden, mits ze daar dan wel aan bijdragen.

FNVBouw stelt voor een keurmerk voor schildersbedrijven te gaan invoeren. Het keurmerk zou vooral moeten gaan over de mate waarin het bedrijf doet aan duurzaam en verantworod personeelsbeleid.

 

Hoogwerkers

CNV Vakmensen wil het structurele aantal flexwerkers per werkgever zelfs tot 10 procent beperken. Daarnaast zoud voor alle werknemers, ongeacht hun contract, dezelfde vaste lasten moeten worden afgedragen, zodat er geen concurrentie plaatsvindt op kosten tussen werknemers in loondienst, zzp'ers of flexwerkers.

CNV wil ook nadrukkelijk het individuele spaarpotje behouden, de IBR-regeling, die OnderhoudNL nu juist wil afschaffen.

Uniek in de voorstellen van CNV is de aandacht die de bond vraagt voor werken met de hoogwerker: schilders moeten steeds vaker met dit soort apparaten werken zonder dat ze daarvoor zijn opgeleid. De bond wil ten eerste eens goed gaan inventariseren hoe veel kennis er in de branche is over dit onderwerp en hoe die kennis bevorderd zou kunnen worden. 

 

bron: www.schildersvak.nl